Meteen naar de inhoud

Vrijspraak: social media

Advocatuur en social media, gaan die wel samen? We schrijven als advocaten veel, de hele dag door. En nee, niet alleen uren! We zijn continue bezig met de vraag: als ik dit of dat schrijf, welk effect heeft dat op de rest van de zaak? En deze stelling, kan die in de toekomst in het nadeel van mijn cliënt uitpakken (dat moeten we zien te voorkomen natuurlijk)? Schrijven is ons vak. Maar kort en bondig schrijven, op social media toch wel een must, daar schort het bij menig advocaat aan.

Laatst las ik een blog, dat advocaten een hoop kennis hebben (en ook willen delen), maar dat de mededeling vaak niet goed uit de verf komt. Te lang, te saai, teveel moeilijke woorden. Ik probeer er altijd op te letten om kort en bondig te zijn. Schrijven is vooral (veel) schrappen. En dan moet je ook nog rekening houden met de verschillende vormen van social media. LinkedIn is toch vrij zakelijk, terwijl Facebook meer gericht is op jouw vrienden en de vrienden daar weer van. Die zitten ’s avonds op de bank niet te wachten op juridische epistels. Leuke foto’s en korte weergaven van onze dagelijkse praktijk, doen het vaak beter dan het bespreken van een nieuw arrest. Ook wel begrijpelijk natuurlijk. En Twitter, tja Twitter. Ik blijf het een raar fenomeen vinden (een hoop geschreeuw, naar mijn mening). Maar toch slaat het aan. En doe je er niet aan mee, laat je een kans liggen als kantoor.

Ik vind het belangrijk om via verschillende kanalen de kwaliteiten van ons kantoor onder de aandacht te brengen. Social media levert gelukkig ook veel op. Leuke reacties, veel likes en gedeelde items. En traffic naar onze website. Met als gevolg nieuwe cliënten, die we mogen helpen met het oplossen van een juridisch conflict. En daar doen we het uiteindelijk voor, toch? Juridische hulp bieden. Vind ik leuk.

Bron: Hart van Enschede, 7 mei 2015