Meteen naar de inhoud

Val over stroomkabels weekmarkt

Vrouw valt op stoep doordat zij is gestruikeld over een of meer stroomkabels. Deze kabels, eigendom van marktkraamhouders, liepen van een elektriciteitskast, eigendom van de Gemeente, aan de gevelzijde van de stoep naar de marktkramen aan de andere zijde van die stoep. Als gevolg van de val heeft de vrouw letsel opgelopen aan haar knieën. Zij stelt de gemeente aansprakelijk.

De vrouw stelt, dat er sprake was van een gebrekkige opstal. De beoordeling in rechte is als volgt:

Een openbare weg is een opstal in de zin van art. 6:174 BW. Ook voorwerpen die op, naast of boven de verkeersbaan zijn aangebracht of dienen ter inrichting van de verkeersbaan voor het verkeersgebruik, vallen onder het begrip opstal in de zin van die bepaling. Stroomkabels die ter plaatse worden neergelegd door marktlieden als er markt is, maken geen deel uit van de opstal, nu zij niet vast zijn verbonden met de weg of de weguitrusting en niet dienen ten behoeve van enige functie van de weg. Ook de elektriciteitskasten, hoewel permanent aanwezig en vast verbonden met het wegdek en geplaatst door de Gemeente, maken geen deel uit van de weg(uitrusting), omdat zij niet zijn geplaatst ten behoeve van de weg of van het verkeersgebruik. De omstandigheid dat noch de stroomkabels, noch de elektriciteitskasten deel uitmaken van de weg, brengt mee dat in het midden kan blijven of die weg niet voldoet aan de eisen die men daaraan in de gegeven omstandigheden mag stellen, en daardoor gevaar voor personen of zaken oplevert. Ten overvloede overweegt het hof dat daarvan geen sprake is, nu zich op een marktterrein rondom de marktkramen allerlei voorwerpen kunnen bevinden waardoor de vrije doorgang kan worden belemmerd en voetgangers zich er daarom van bewust zijn, of dat zouden moeten zijn, dat voorzichtigheid geboden is, terwijl de donkere stroomkabels op het lichte wegdek goed zichtbaar waren. Daarom kan niet worden gezegd dat een stoep waarop zich ten tijde van een markt stroomkabels bevinden, niet voldoet aan de eisen die men daaraan in de gegeven omstandigheden mag stellen.

De vrouw is verder van mening, dat de Gemeente preventieve maatregelen had moeten treffen, bijvoorbeeld door de kabels ondergronds te leggen.

In rechte wordt geoordeeld, dat de Gemeente niet onrechtmatig heeft gehandeld, omdat de kans dat voetgangers struikelen over de goed zichtbare kabels niet groot is, de kans dat daaruit (ernstige) ongevallen ontstaan evenmin. Onvoldoende is gebleken dat de Gemeente veiligheidsmaatregelen had kunnen treffen die een ongeval als het onderhavige hadden kunnen voorkomen en onvoldoende is gebleken dat het risico van (ernstig) letsel zo groot was dat tot zeer vergaande veiligheidsmaatregelen als het ondergronds leggen van de kabels had moeten worden overgegaan. In het midden kan blijven of de marktmeester op de bewuste dag zijn gebruikelijke rondes heeft gemaakt, omdat ook indien dat is gebeurd, daarmee nog niet is uitgesloten dat op een ander moment alsnog een situatie kan ontstaan waardoor iemand kan struikelen. De Gemeente behoefde met het oog daarop geen aanvullende preventieve maatregelen te nemen, mede gelet op de kleine kans dat onoplettendheid hier tot ongevallen leidt. Ook als ervan wordt uitgegaan dat de stroomkabels op de dag van het ongeval niet goed zichtbaar waren omdat het druk was op de markt en de vrouw daardoor geen goed zicht had op het trottoir voor zich, behoefde de Gemeente geen verdergaande maatregelen te treffen. Een voetganger die zich in zo’n situatie bevindt, dient nog meer dan anders op te letten waar hij zijn voeten plaatst. De omstandigheid dat de Gemeente niet eerder klachten heeft gehad over struikelgevaar op de markt, wijst erop dat ongevallen zoals dit weinig voorkomen en dat de kans daarop dus gering is.

De Gemeente wordt niet aansprakelijk geacht.

Bron: rechtspraak.nl