Meteen naar de inhoud

Boeteclausules in contracten: u bent wel gebonden!

In veel overeenkomsten komen boeteclausules voor. Vaak zijn dit de laatste “losse eindjes” bij het contract. Waar over de inhoud van de overeenkomst zelf uitgebreid wordt onderhandeld, gebeurt dat bij dergelijke boetebepalingen niet meer. Soms komen die laatste bepalingen zelfs in contracten terecht, omdat ze nu eenmaal in het standaardmodel staan.

Uiteindelijk spelen boetebepalingen pas een rol wanneer er “iets mis gaat”. En dan kan het ook goed mis gaan.

Een voorbeeld

Een leverancier van kantoorbenodigdheden en een zorginstelling gaan een (onderhouds)contract aan voor kopieerapparaten. Partijen spreken af dat de leverancier storingen binnen acht uur oplost (de zogenaamde “call-to-fixtijd”) op straffe van een boete van €250,00 per keer dat dat niet lukt.

Er doen zich nogal wat storingen voor (enige tientallen per jaar) en die zijn vaak niet binnen de afgesproken tijd verholpen. Tijdens de looptijd van de overeenkomst meldt de zorginstelling wel steeds dat “de opdracht niet goed verloopt”, maar zij heeft het nooit over eventuele boetes. Uiteindelijk beëindigt de zorginstelling het contract en zij vordert dan (pas) ook de verschuldigde boetes. De leverancier verweert zich; zij is niet in gebreke gesteld, zij is nooit op de boetebepaling gewezen en de boete (€ 34.000,00) is onredelijk hoog, want er is geen concrete schade geleden.

De rechtbank (Oost-Brabant, uitspraak 14 augustus 2013) maakt er korte metten mee. Ten eerste is de overeenkomst tot stand gekomen op basis van de vergunde opdracht, inclusief de boeteclausule (aanbod en aanvaarding).

Ten tweede is een ingebrekestelling niet vereist als een zogenaamde fatale termijn is overeengekomen. De termijn, verbonden aan het verhelpen van een storing, was volgens de rechtbank een fatale termijn; dus bij overschrijding is de boete direct opeisbaar.

Tenslotte is het feit dat de zorginstelling geen schade zou hebben geleden, niet relevant, omdat partijen met het opnemen van de hoogte van de boeteclausule kennelijk de bedoeling hadden de schade op voorhand vast te stellen. De leverancier dient de boete te betalen.

Een hard gelag dus voor de leverancier van de machines.

Zijn er dan helemaal geen gronden om tot matiging van boetes te komen?

Volgens de Hoge Raad is matiging van een overeengekomen boete alleen dan aan de orde als toepassing van het boetebeding in de gegeven omstandigheden tot een buitensporig en daarmee onaanvaardbaar resultaat leidt.

Welke omstandigheden dat zijn? Dat moet van geval tot geval beoordeeld worden, maar het Gerechtshof in Den Bosch heeft in haar arrest van 24 september 2013 in ieder geval al aangegeven dat de enkele omstandigheid dat de boete het resterende bedrag van de hoofdsom overstijgt, niet meebrengt dat het boetebeding tot een buitensporig en daarmee onaanvaardbaar resultaat leidt.

Conclusie

Boetebedingen worden vaak en soms standaard overeengekomen, terwijl de mogelijke gevolgen ervan niet altijd worden overzien. Oppassen dus!

Klik voor meer interessante artikelen op: Archief